![]() |
|
||||
| hoogbegaafdheidonderzoek |
onderzoek |
||||
|
© 2009
dink |
Een hoge intelligentie (130 of hoger) is slechts één van de criteria om van hoogbegaafdheid te kunnen spreken. Daarnaast zijn ook het op flexibele en creatieve wijze omgaan met problemen en oplossingen en een sterke taakgerichtheid en een groot doorzettingsvermogen van groot belang. Het hoogbegaafdheidonderzoek is dan ook uitgebreider dan het intelligentieonderzoek. Het bevat de volgende onderdelen:
Hoogbegaafde kinderen hebben het vaak moeilijk op school. Ze vinden vaak moeilijk aansluiting bij hun klasgenootjes, die meestal niet hun interesses delen. Het onderwijs sluit vaak niet aan bij het kennis- werk- en denkniveau van hoogbegaafde kinderen. De leerstof, het tempo, het niveau en de wijze waarop de leerstof wordt aangeboden zijn te weinig uitdagend. Het hoogbegaafde kind wordt vaak ‘gedwongen’ zich voornamelijk aan te passen aan het aangeboden lesprogramma. Dit kan leiden tot allerlei problemen zoals:
Onderkenning van hoogbegaafdheid is heel belangrijk, zodat er vervolgstappen kunnen worden ondernomen om het kind te begeleiden en het onderwijs en de leerbehoeften van het kind op elkaar af te stemmen.
|
||||